Jeugdzorg perikelen: De explosieve groei van het aantal jeugdzorgverleners

YouTube-poster
Video van Follow the Money over de vraag waarom de jeugdzorg zo ontzettend in het rood staat.

Disclaimer: Dit blogartikel is, deels, gebaseerd op een artikel dat ik als abonnee las op Follow the Money. Omdat zij zeer gedegen onderzoeksjournalistiek bedrijven, vertrouw ik volledig op de door hen gepresenteerde informatie. Ik ga u middels dit blogartikel dan ook niet helpen aan een gratis stuk van hun werk. Wel roep ik u nadrukkelijk op om, indien u gedegen onderzoeksjournalistiek een warm hart toedraagt, ook lid te worden van Follow the Money via hun website ftm.nl (“En als u zich nu afvraagt of ik hier nu schaamteloos reclame maak voor Follow the Money, dan kunt u daar meteen weer mee stoppen, want het antwoord is even simpel als duidelijk: Jazeker!” SV)

De decentralisatie van de zorg zou enorme voordelen en nauwelijks nadelen kennen.

Iedereen heeft het inmiddels wel meegekregen, en u had erover kunnen lezen op dit blog, dat de overheid de zorg in Nederland grondig heeft gereorganiseerd door in 2015 het merendeel van de zorggerelateerde taken botweg bij de Nederlandse gemeenten over de schutting te flikkeren… Pardon, door de zorgtaken te decentraliseren en bij de Nederlandse gemeenten onder te brengen. Met als argumenten dat het zo dichterbij de burger georganiseerd kon worden, het daardoor efficiënter geregeld kon worden, en dus zowel goedkoper en beter geregeld zou zijn als toen de Rijksoverheid er nog over ging.

De decentralisatie zou daardoor veel voordelen en nauwelijks nadelen kennen, en het kabinet Rutte sorteerde daar alvast handig op voor, door meteen ook maar het totale budget enorm te korten en zo de beoogde kostenbesparing door efficiencyverbetering alvast te cashen. Niet dat er ook maar enige zekerheid was dat die kostenbesparing er ook daadwerkelijk ging komen, maar dat is typisch Rutte toentertijd: Optimistische vooruitzichten koppelen aan zijn eeuwige glimlach en positieve kijk en grondhouding op de zaken. Daarmee snoerde hij criticasters gemakkelijk de mond en met zijn coalitiepartners achter zich, loodste hij ook dit sprookje vrij gemakkelijk door de beide kamers van het parlement. Ik geloof dat de rekenkamer nog wel enig commentaar leverde op de optimistische voorstelling van zaken, maar daarna werd het in Den Haag redelijk stil rondom dit onderwerp en kon met overgaan tot de orde van de dag.

Inmiddels, zo’n 5 jaar later, weten wij en ook zij in Den Haag wel beter.

Sterker, een deel van de taken rondom jeugdzorg is men alweer van plan te centraliseren omdat het zo’n allejezus groot probleem begint te worden, de inkoop en uitvoering van de zorg voor onze toekomst, de kinderen van nu. En dat is ook helemaal niet zo gek ook. Want dezelfde zorg leveren tegen het gereduceerde tarief was al sowieso niet te doen, maar doordat het aantal uitvoerders in jeugdzorgland groeide van enkele honderden naar, pak ‘m beet, een duizend of zes, werd de inkoop van de best passende jeugdzorg voor ieder individuele burger in de groei, een schier onmogelijke taak.

De oude garde jeugdzorg zag hun beste krachten vertrekken, meestal richting het eigen ondernemerschap. En al die nieuwe aanbieders ook nog eens de krenten uit de pap halen.

En u vraagt zich natuurlijk af, wat dat nou eigenlijk voor krenten zijn, waarover ik het heb. Dat kan ik u, als ondernemer in de zorg, haarfijn vertellen. In de zorg, en dus ook de jeugdzorg, is alles te verdelen op basis van de zwaarte van de zorgtaak. Immers, iedere zorgvrager is anders: De een heeft slechts enige ondersteuning nodig om gezond en goed te functioneren, terwijl een ander 24-7 intensief moet worden geholpen bij alles wat hij/zij doet. Doordat er voor de decentralisatie zowel lichte als zware taken werden aangeboden aan die paar honderd jeugdzorgleveranciers, kon men door die mix, geld dat verdiend werd op de ene taak, weer gebruiken om bij te leggen wanneer een taak meer werk vroeg als dat de vergoeding toeliet. En doordat nu zo’n zesduizend aanbieders jagen op al die zorgtaken, is er veel minder of bijna geen sprake meer van een gebalanceerde mix tussen zware en minder zware taken, maar een run op zoveel mogelijk van de meest winstgevende taken vergaren voor jouw bedrijf, en vooral zorgen dat je die zware en voor jouw onderneming nauwelijks rendabele taken kunt laten liggen voor je concurrenten. En omdat de oude garde jeugdzorgleveranciers zich bewust van hun maatschappelijke verantwoordelijkheid, niet snel zal afkeren van zijn oerdrift ieder kind de beste zorg willen bieden, blijven de zware en/of onrendabele taken op hun bordje terecht komen. En in grotere hoeveelheden als voor de decentralisatie. Trek daar de efficiencykorting vanaf, en je ziet de catastrofe langzaam maar zeker dichterbij komen. Een onhoudbare situatie.

Een tweede punt in deze kwestie is het feit dat tegenwoordig ook wel heel snel een etiket wordt geplakt op een kind dat niet tot het gemiddelde van de groep kan worden gerekend.

Daarmee bedoel ik het volgende: Het gemiddelde Nederlandse kind is een kind dat het midden houdt tussen aan de ene kant, een kind dat geen enkele zorgbehoefte heeft, met wie alles perfect gaat en verloopt en daardoor zonder enige strubbelingen de volwassenheid bereikt, en aan het andere eind van het spectrum, dat andere kind dat bij wijze van spreken, geholpen moet worden bij echt alles in het leven, en dus 24-7 intensieve superzorg behoeft. Het bij wijze van spreken staat er omdat ik niet geloof dat er kinderen bestaan die helemaal nooit eens een zorgbehoefte hebben en hun tegenhanger, het kind dat helemaal niks zelf kan, ook niet. Terwijl ik weet dat er kinderen bestaan die de beide uiteinden van het hier geschetste spectrum, heel dicht naderen, laat dat duidelijk zijn. .aar het gemiddelde kind, is dus de grote groep in het midden. Daar is ons onderwijssysteem dan ook prima op ingericht, op die grote groep in het midden. Alleen wordt die groep wel steeds smaller gedefinieerd in onze maatschappij. Ik heb dat in een eerder blog over de jeugdzorg met geldzorgen wat gekscherend verweten aan de onkunde van mijn generatiegenoten (ik ben van 1972) en het afschaffen van de corrigerende tik (waardoor wij er als ouders niks meer aanvonden, dat hele opvoeden), maar dat is natuurlijk het stukje entertainment dat je je lezer als blogger ook wil bieden. Maar feit is en blijft dat toen ik op de basisschool zat je gewoon een beetje druk was, en je leraar daarmee dealde door jou zo nu en dan stoom te laten afblazen met een taak buiten de klas en je ouders te adviseren jou veel buiten te laten spelen en op voetbal te doen. Tegenwoordig heb je dan ADHD en wordt je als kind in het gareel gehouden met harddrugs uit de apotheek. En of dat nou ligt aan overgevoeligheid bij de leraar, de prestatiemaatschappij of het “Aan mijn kind kan het niet liggen, dus moet het wel aan een ander liggen” syndroom waar veel ouders aan lijden, weet ik niet maar het effect is duidelijk zichtbaar in de jeugdzorg. Die slipt er namelijk compleet van dicht.

Verminderd budget, plus een stijgende zorgvraag gedeeld door een markt vol cowboys = rampzalig voor onze kinderen.

Weet u een oplossing? Ik ook niet. Wat mijn vrienden bij Follow the Money eraan proberen te doen, is de organisaties die winstmaximalisatie voorrang geven op de beste zorg leveren, in het zonnetje te zetten. Of eigenlijk op het grillrooster te leggen. Lees: akelig nauwkeurig blootleggen wie wanneer waar hoeveel in zijn zakken heeft gestopt. En dat is dan ook de reden dat mijn bedrijf werken zonder winstoogmerk in haar algemene voorwaarden heeft opgenomen. Geld bestemd voor de zorg, blijft bij ons in de zorg. En daar ben ik niet alleen apetrots op. Ik lobby actief om dat de gouden standaard in de zorg te laten worden. En publiceer hier graag en geregeld over alle misstanden en gevolgen van teveel bezuinigingen en marktwerking en te weinig middelen om cowboys aan te pakken. Oja, en u op te roepen niet nader genoemde onderzoeksjournalisten te steunen door een abonnement te nemen op hun website. Het gaat per slot van rekening om uw geld. Niet dan?

Althans, ik vind van wel.

VN ambassadeur rechten van de mens met een handicap en inclusieve samenleving, blogger en ontwikkelaar van het eerste VBHC concept voor in de WMO-bg thuisbegeleiding.